Carthago, gelegen aan de Noord-Afrikaanse kust in het huidige Tunesië, was oorspronkelijk een Fenicische stichting en groeide uit tot een machtig handelsimperium. Na de Punische oorlogen werd de stad door Rome verwoest en later herbouwd als Romeinse kolonie. In de eerste eeuw na Christus was Carthago een welvarende, multiculturele stad en een belangrijk knooppunt van zeevaart, handel en ideeën.

Grenzen en geografie

Carthago lag strategisch aan de Middellandse Zee, nabij het huidige Tunis. De natuurlijke havens maakten de stad tot een belangrijk maritiem knooppunt tussen Afrika, Italië en het oostelijke Middellandse Zeegebied.

Historische betekenis

Na haar heropbouw door de Romeinen werd Carthago de hoofdstad van de Romeinse provincie Africa Proconsularis. De stad stond bekend om haar rijkdom, stedelijke cultuur en intellectuele leven, en speelde later ook een grote rol in de vroege ontwikkeling van het christendom in Noord-Afrika.

Rol in het verhaal van Jezus

In het verhaal fungeert Carthago als een doorgangs- en verblijfplaats tijdens de uitgebreide reizen van Jezus over zee. De stad vormt een schakel tussen het oostelijke Middellandse Zeegebied en Europa en illustreert hoe Jezus’ ervaringen zich uitstrekten over het volledige Romeinse wereldrijk, inclusief grote stedelijke centra buiten Palestina.