De Spirit van Waarheid

Rond één uur, terwijl de honderdtwintig gelovigen in gebed waren, werden ze zich allemaal bewust van een vreemde aanwezigheid in de kamer. Tegelijkertijd werden deze discipelen zich bewust van een nieuw en diep gevoel van spirituele vreugde, veiligheid en vertrouwen. Dit nieuwe besef van spirituele kracht werd onmiddellijk gevolgd door een sterke drang om eropuit te gaan en publiekelijk het evangelie van het koninkrijk en het goede nieuws dat Jezus uit de dood was opgestaan, te verkondigen.

Petrus stond op en verklaarde dat dit de komst van de Spirit van Waarheid moest zijn die de Meester hun had beloofd en stelde voor dat ze naar de tempel zouden gaan en het goede nieuws dat hun was toevertrouwd, zouden verkondigen. En ze deden precies wat Petrus voorstelde.

Deze mensen waren opgeleid en geïnstrueerd dat het evangelie dat zij moesten prediken het vaderschap van God en het kind-van-God-zijn van de mens was, maar juist op dit moment van spirituele extase en persoonlijke triomf was het beste nieuws, het grootste nieuws dat deze mensen konden bedenken, het feit van de verrezen Meester. En zo gingen zij voort, begiftigd met kracht ‘uit den hoge’, om de mensen de blijde boodschap te verkondigen – zelfs verlossing door Jezus – maar ze maakten onbedoeld de fout om enkele feiten die met het evangelie verbonden waren, te vervangen door de evangelieboodschap zelf. Petrus liep onbewust voorop in deze fout, en anderen volgden hem tot aan Paulus, die een nieuwe religie schiep uit de nieuwe versie van het goede nieuws.

Het evangelie van het koninkrijk is: het feit van het vaderschap van God, gekoppeld aan de daaruit voortvloeiende waarheid van het kind-van-God-zijn van de mens – de broederschap /verbondenheid van de mensen.

Het christendom, zoals het zich vanaf die dag ontwikkelde, is: het feit van God als de Vader van de Heer Jezus Christus, in samenhang met de ervaring van gelovige gemeenschap met de verrezen en verheerlijkte Christus.

Het is niet vreemd dat deze door de spirit vervulde mannen deze gelegenheid aangrepen om hun gevoelens van triomf te uiten over de krachten die hadden geprobeerd hun Meester te vernietigen en de invloed van zijn leringen te beëindigen. Op zo’n moment als dit was het gemakkelijker om zich hun persoonlijke band met Jezus te herinneren en verrukt te zijn door de zekerheid dat de Meester nog steeds leefde, dat hun vriendschap niet was beëindigd en dat de Spirit van Waarheid inderdaad over hen was gekomen, zoals Hij had beloofd.

Deze gelovigen voelden zich plotseling overgebracht naar een andere wereld, een nieuw bestaan van vreugde, kracht en glorie. De Meester had hun verteld dat het koninkrijk met kracht zou komen, en sommigen van hen dachten dat ze begonnen te begrijpen wat Hij bedoelde.

En wanneer dit alles in overweging wordt genomen, is het niet moeilijk te begrijpen hoe deze mannen ertoe kwamen een nieuw evangelie over Jezus te prediken in plaats van hun eerdere boodschap van het vaderschap van God en het kind-van-God-zijn in een broederschap onder de mensen.

De Pinksterrede

De apostelen hadden zich veertig dagen schuilgehouden. Deze dag viel toevallig samen met het Joodse Pinksterfeest, en duizenden bezoekers uit alle delen van de wereld waren in Jeruzalem. Velen kwamen voor dit feest, maar de meesten waren al sinds Pesach in de stad gebleven. Nu kwamen deze angstige apostelen uit hun wekenlange afzondering tevoorschijn om moedig in de tempel te verschijnen, waar ze de nieuwe boodschap van een opgestane Messias begonnen te prediken. En alle discipelen waren zich er eveneens van bewust dat ze een nieuwe spirituele gave van inzicht en kracht hadden ontvangen.

Het was rond twee uur toen Petrus opstond op de plek waar zijn Meester voor het laatst in deze tempel had onderwezen, en die hartstochtelijke oproep deed die resulteerde in het winnen van meer dan tweeduizend zielen. De Meester was weg, maar ze ontdekten plotseling dat dit verhaal over hem grote kracht uitoefende op de mensen. Geen wonder dat ze ertoe werden aangezet om verder te gaan met de verkondiging van datgene wat hun vroegere toewijding aan Jezus rechtvaardigde en tegelijkertijd de mensen zo dwong om in Hem te geloven. Zes van de apostelen namen deel aan deze bijeenkomst: Petrus, Andreas, Jacobus, Johannes, Filippus en Mattheus. Ze spraken meer dan anderhalf uur en brachten boodschappen over in het Grieks, Hebreeuws en Aramees, en zelfs enkele woorden in andere talen waarmee ze al enige spreekvaardigheid hadden.

De leiders van de Joden waren verbaasd over de vrijmoedigheid van de apostelen, maar ze vreesden hen lastig te vallen vanwege de grote aantallen die hun verhaal geloofden.

Tegen half vijf volgden meer dan tweeduizend nieuwe gelovigen de apostelen naar het badwater van Siloam, waar Petrus, Andreas, Jacobus en Johannes hen doopten in de naam van de Meester. Het was donker toen ze klaar waren met het dopen van deze menigte.

Pinksteren was het grote feest van de doop, de tijd voor de gemeenschap van de proselieten van de poort: de niet-Joden die (toch) Jahweh wilden dienen. Het was daarom des te gemakkelijker voor grote aantallen Joden en gelovige niet-Joden om zich op deze dag te laten dopen. Daarmee scheidden ze zich geenszins af van het Joodse geloof. Zelfs nog enige tijd daarna vormden de gelovigen in Jezus een sekte binnen het Jodendom. Allen, inclusief de apostelen, waren nog steeds trouw aan de essentiële vereisten van het Joodse ceremoniële systeem.

De betekenis van Pinksteren

Jezus leefde op aarde en onderwees een evangelie dat de mens verloste van het bijgeloof dat hij een kind van de duivel was en dat de mens verhief tot de waardigheid van een gelovig kind van God. De boodschap van Jezus, zoals hij die predikte en leefde in zijn tijd, was een effectief middel om de spirituele moeilijkheden van de mens op te lossen in die tijd dat het verkondigd werd. En nu hij persoonlijk de wereld heeft verlaten, zendt hij in zijn plaats zijn Spirit van Waarheid, die bestemd is om in de mens te wonen en, voor elke nieuwe generatie, de boodschap van Jezus te herhalen, zodat elke nieuwe groep stervelingen die op aarde verschijnt een nieuwe en actuele versie van het evangelie zal hebben. Op die manier is het evangelie steeds precies die persoonlijke verlichting en groepsbegeleiding die een effectief middel zullen blijken te zijn voor de steeds nieuwe en gevarieerde spirituele moeilijkheden van de mens.

De eerste missie van deze Spirit van Waarheid is natuurlijk om de waarheid te bevorderen en te personaliseren, want het is het begrijpen van de waarheid dat de hoogste vorm van menselijke vrijheid vormt.

Vervolgens is het doel van deze Spirit van Waarheid om het gevoel van ‘ouderloze eenzaamheid’ van de gelovige te vernietigen. Omdat Jezus onder de mensen is geweest, zouden alle gelovigen een gevoel van eenzaamheid of verlatenheid ervaren als de Spirit van Waarheid niet in de harten van de mensen was komen wonen.

Deze schenking van de Spirit van Waarheid van de Zoon bereidde het bewustzijn van alle normale mensen effectief voor op de daaropvolgende universele schenking van de Spirit van de Vader (de Mentor-Spirit) aan de gehele mensheid. In zekere zin is deze Spirit van Waarheid de Spirit van zowel de Universele Vader als die van de Schepper-Zoon.

Maak niet de fout te verwachten dat je je sterk intellectueel bewust wordt van de uitgestorte Spirit van Waarheid. De Spirit van Waarheid schept nooit een bewustzijn van zichzelf, alleen een bewustzijn van Michaël, de Zoon. Vanaf het begin leerde Jezus dat de Spirit van Waarheid niet over zichzelf zou spreken. Het bewijs van je verbondenheid met de Spirit van Waarheid is daarom niet te vinden in je bewustzijn van deze Spirit, maar eerder in je ervaring van een grotere verbondenheid met Michaël.

De Spirit van Waarheid kwam ook om mensen te helpen zich de woorden van de Meester te herinneren en te begrijpen, en om zijn leven op aarde te verlichten en te herinterpreteren.

Vervolgens kwam de Spirit van Waarheid om de gelovige te helpen getuigen van de realiteiten van de leringen van Jezus en zijn leven zoals hij dat in een lichaam leefde, en zoals hij dat nu opnieuw en opnieuw leeft in de individuele gelovige van elke voorbijgaande generatie van de met de spirit vervulde kinderen van God.

Zo blijkt dat de Spirit van Waarheid werkelijk komt om alle gelovigen in alle waarheid te leiden, in de zich uitbreidende kennis van de ervaring van het levende en groeiende spirituele bewustzijn van de realiteit van het eeuwige en opstijgende kind-van-God-zijn.

Jezus leefde een leven dat een openbaring is van de mens die zich aan de wil van de Vader heeft overgegeven, niet een voorbeeld dat iemand letterlijk kan proberen na te volgen. Dit leven in een lichaam, samen met zijn dood aan het kruis en de daaropvolgende opstanding, werd al snel een nieuw evangelie van de losprijs die aldus was betaald om de mens vrij te kopen uit de klauwen van de boze – vrij te kopen uit de veroordeling door een beledigde God. Ook al raakte het evangelie op die manier sterk verdraaid, het blijft toch een feit dat deze nieuwe boodschap over Jezus veel van de fundamentele waarheden en leringen van zijn eerdere evangelie van het koninkrijk met zich meebracht. En vroeg of laat zullen deze verborgen waarheden over het vaderschap van God en de broederschap/verbondenheid van mensen die kinderen van God zijn, naar boven komen om de beschaving van de hele mensheid effectief te transformeren.

Maar deze intellectuele vergissingen stonden de grote vooruitgang van de gelovige in spirituele groei op geen enkele manier in de weg. In minder dan een maand na de schenking van de Spirit van Waarheid boekten de apostelen meer individuele spirituele vooruitgang dan gedurende hun bijna vier jaar durende persoonlijke en liefdevolle omgang met de Meester. Deze vervanging van het feit van de opstanding van Jezus in de plaats van de reddende evangelie waarheid van kind-van-God-zijn, belemmerde ook op geen enkele manier de snelle verspreiding van hun leringen. Integendeel, deze overschaduwing van de boodschap van Jezus door de nieuwe leringen over zijn persoon en opstanding leek de prediking van het goede nieuws enorm te vergemakkelijken.

De term ‘doop met de spirit’, die rond die tijd zo algemeen in gebruik kwam, betekende slechts de bewuste ontvangst van deze gift van de Spirit van Waarheid en de persoonlijke erkenning van deze nieuwe spirituele kracht als een versterking van alle spirituele invloeden die eerder door Godkennende zielen waren ervaren.

Sinds de schenking van de Spirit van Waarheid is de mens onderworpen aan de leer en leiding van een drievoudige spirituele gave:

  1. de spirit van de Vader: de Mentor-Spirit;
  2. de spirit van de Zoon: de Spirit van Waarheid;
  3. de spirit van de Oneindige Spirit [de derde persoon van de Drie-Eenheid van God]: de Heilige Spirit.

En zo bracht de schenking van de Spirit van Waarheid de wereld en haar volkeren de laatste van de spirituele gaven die bedoeld waren om te helpen bij de opstijgende zoektocht naar God.

Wat er gebeurde met Pinksteren

Veel rare en vreemde leringen werden geassocieerd met de vroege verhalen over de dag van Pinksteren. In latere tijden zijn de gebeurtenissen van deze dag, waarop de Spirit van Waarheid, de nieuwe leraar, onder de mensheid kwam wonen, verward met de dwaze uitbarstingen van ongebreideld emotionalisme [ jezelf ongecontroleerd door verstand overgeven aan emoties en gevoelens ]. De belangrijkste missie van deze uitgestorte Spirit van Waarheid van de Vader en de Zoon is om de mensen te onderwijzen over de waarheden van de liefde van de Vader en de barmhartigheid van de Zoon. Dit zijn de waarheden van de goddelijkheid die de mens vollediger kan begrijpen dan alle andere goddelijke karaktertrekken. De Spirit van Waarheid houdt zich primair bezig met de openbaring van de spirituele natuur van de Vader en het morele karakter van de Zoon. De Schepper-Zoon, in het lichaam op aarde, openbaarde God aan de mens; de Spirit van Waarheid, in het hart, openbaart de Schepper-Zoon aan de mens. Wanneer de mens de “vruchten van de spirit” in zijn leven voortbrengt, toont hij eenvoudigweg de eigenschappen die de Meester in zijn eigen aardse leven manifesteerde. Toen Jezus op aarde was, leefde hij zijn leven als één persoonlijkheid – Jezus van Nazareth. Als de inwonende Spirit van Waarheid van de “nieuwe leraar” heeft de Meester sinds Pinksteren zijn leven opnieuw kunnen leven in de ervaring van elke gelovige die de waarheid heeft geleerd.

Veel dingen die in de loop van een mensenleven gebeuren, zijn moeilijk te begrijpen, moeilijk te rijmen met het idee dat dit een universum is waarin de waarheid heerst en waarin rechtschapenheid zegeviert. Het lijkt er zo vaak op dat laster, leugens, oneerlijkheid en on-rechtschapenheid – zonde – de overhand hebben. Zegeviert geloof uiteindelijk over kwaad, zonde en ongerechtigheid? Jazeker. En het leven en de dood van Jezus zijn het eeuwige bewijs dat de waarheid van goedheid en het geloof van het door de spirit geleide schepsel altijd gerechtvaardigd zullen worden. Ze hoonden Jezus aan het kruis en zeiden: “Laten we zien of God komt en hem bevrijdt.” Het zag er donker uit op die dag van de kruisiging, maar het was glorieus licht op de ochtend van de opstanding; het werd nog helderder en vreugdevoller op de dag van Pinksteren. De religies van pessimistische wanhoop streven naar bevrijding van de lasten van het leven; ze hunkeren naar uitsterven in eindeloze slaap en rust. Dit zijn de religies van primitieve angst en vrees. De religie van Jezus is een nieuw evangelie van geloof dat verkondigd moet worden aan de worstelende mensheid. Deze nieuwe religie is gebaseerd op geloof, hoop en liefde.

Aan Jezus had het sterfelijke leven zijn hardste, wreedste en bitterste slagen toegebracht; en deze man beantwoordde deze wanhoopspogingen met geloof, moed en de onwankelbare vastberadenheid om de wil van Zijn Vader te doen. Jezus ontmoette het leven in al zijn verschrikkelijke realiteit en beheerste het – zelfs in de dood. Hij gebruikte religie niet als een bevrijding van het leven. De religie van Jezus probeert niet aan dit leven te ontsnappen om de wachtende gelukzaligheid van een ander bestaan te genieten. De religie van Jezus biedt de vreugde en vrede van een ander en spiritueel bestaan om het leven dat mensen NU in een lichaam leiden, te verbeteren en te veredelen.

Als religie een opium is voor de mensen, is het niet de religie van Jezus. Aan het kruis weigerde hij het verdovende middel te drinken, en zijn Spirit van Waarheid, uitgestort over alle lichamen, is een machtige wereldse invloed die de mens omhoog leidt en hem voortstuwt. De spirituele drang tot vooruitgang is de krachtigste drijfveer in deze wereld; de waarheid-lerende gelovige is de enige progressieve en agressieve ziel op aarde.

Op de dag van Pinksteren verbrak de religie van Jezus alle nationale beperkingen en raciale ketenen. Het is voor altijd waar: “Waar de Spirit van de Heer is, daar is vrijheid.” Op deze dag werd de Spirit van Waarheid de persoonlijke gift van de Meester aan iedere sterveling. Deze Spirit van Waarheid werd geschonken om gelovigen te kwalificeren om het evangelie van het koninkrijk effectiever te prediken, maar zij beschouwden de ervaring van het ontvangen van de uitgestorte Spirit van Waarheid ten onrechte als een deel van het nieuwe evangelie dat zij onbewust aan het formuleren waren.

Vergeet niet dat de Spirit van Waarheid aan alle oprechte gelovigen werd geschonken; deze gift van de Spirit van Waarheid kwam niet alleen aan de apostelen. De honderdtwintig mannen en vrouwen die in de bovenzaal bijeen waren, ontvingen allen de nieuwe leraar, evenals alle mensen over de hele wereld die oprecht van hart waren en zijn. Deze nieuwe leraar werd aan de mensheid geschonken, en iedere ziel ontving Hem overeenkomstig de liefde voor de waarheid en het vermogen om spirituele realiteiten te vatten en te begrijpen. Eindelijk is de ware religie bevrijd van de voogdij van priesters en van allerlei heilige klassen en vindt ware religie haar ware manifestatie in de individuele zielen van de mens.

De religie van Jezus bevordert het hoogste type menselijke beschaving doordat ze het hoogste type spirituele persoonlijkheid schept en de heiligheid van die persoon verkondigt.

De komst van de Spirit van Waarheid op Pinksteren maakte een religie mogelijk die noch radicaal noch conservatief is; ze is noch het oude noch het nieuwe; ze mag noch door de ouden noch door de jongeren worden gedomineerd. Het feit van het aardse leven van Jezus verschaft een vast punt voor het anker van de tijd, terwijl de schenking van de Spirit van Waarheid zorgt voor de eeuwige uitbreiding en eindeloze groei van de religie die Hij leefde en het evangelie dat Hij verkondigde. De Spirit van Waarheid leidt in alle waarheid; Hij is de leraar van een zich uitbreidende en altijd groeiende religie van eindeloze vooruitgang en goddelijke ontvouwing. Deze nieuwe leraar zal voor altijd aan de waarheid-zoekende gelovige onthullen wat zo goddelijk besloten lag in de persoon en natuur van de MensenZoon.

De gebeurtenissen en openbaringen die gepaard gingen met de schenking van de “nieuwe leraar”, en de ontvangst van de prediking van de apostelen door de mensen van verschillende rassen en naties die in Jeruzalem bijeen waren, wijzen op de universaliteit van de religie van Jezus. Het evangelie van het koninkrijk mag niet worden geïdentificeerd met een bepaald ras, cultuur of taal. Deze Pinksterdag was getuige van de grote inspanning van de Spirit van Waarheid om de religie van Jezus te bevrijden van de geërfde Joodse ketenen. Zelfs na deze demonstratie van het uitstorten van de Spirit van Waarheid over alle lichamen, probeerden de apostelen aanvankelijk de eisen van het Jodendom aan hun bekeerlingen op te leggen. Zelfs Paulus had problemen met zijn broeders in Jeruzalem, omdat hij weigerde de niet-Joden aan deze Joodse gebruiken te onderwerpen. Geen enkele geopenbaarde religie kan zich over de hele wereld verspreiden wanneer ze de ernstige fout maakt zich te vermengen met een nationale cultuur of zich te associëren met gevestigde raciale, sociale of economische gebruiken.

De schenking van de Spirit van Waarheid was onafhankelijk van alle vormen, ceremonies, heilige plaatsen en het bijzondere gedrag van hen die de volheid van de manifestatie ervan ontvingen. Toen de Spirit van Waarheid neerdaalde op degenen die in de bovenzaal bijeen waren, zaten ze daar gewoon, na net in stil gebed te zijn geweest. De Spirit van Waarheid werd zowel op het platteland als in de stad geschonken. Het was niet nodig dat de apostelen zich jarenlang afzonderden op een eenzame plaats om de Spirit van Waarheid te ontvangen. Pinksteren ontkoppelt voor altijd het idee van spirituele ervaring van het idee van ‘bijzonder gunstige omgevingen’.

Pinksteren, met zijn spirituele gift, was bedoeld om de religie van de Meester voor altijd te bevrijden van alle afhankelijkheid van fysieke kracht; de leraren van deze nieuwe religie zijn nu uitgerust met spirituele wapens. Ze moeten eropuit trekken om de wereld te veroveren met onfeilbare vergevingsgezindheid, ongeëvenaarde goede wil en overvloedige liefde. Ze zijn toegerust om het kwaad te overwinnen met het goede, haat te overwinnen met liefde, angst te vernietigen met een moedig en levend geloof in de waarheid. Jezus had zijn volgelingen al geleerd dat zijn religie nooit passief was; zijn discipelen moesten altijd actief en positief zijn in hun barmhartigheid en in hun uitingen van liefde. Deze gelovigen beschouwden Jahweh niet langer als “de Heer der Heerscharen” [heerscharen heeft een soort van bijna militaire betekenis]. Ze beschouwden de eeuwige Godheid nu als de “God en Vader van de Heer Jezus Christus”. Ze maakten die vooruitgang tenminste, ook al faalden ze er in zekere zin in de waarheid volledig te begrijpen dat God ook de spirituele Vader is van ieder individu.

Pinksteren begiftigde de sterfelijke mens met de kracht om persoonlijke beledigingen te vergeven, beminnelijk te blijven te midden van het ernstigste onrecht, onbewogen te blijven in het aangezicht van afschuwelijk gevaar, en het kwaad van haat en woede te trotseren door de onverschrokken daden van liefde en verdraagzaamheid. De aarde heeft in haar geschiedenis de verwoestingen van grote en vernietigende oorlogen doorstaan. Alle deelnemers aan deze verschrikkelijke strijd werden verslagen. Er was maar één overwinnaar; er was er maar één die uit deze verbitterde strijd tevoorschijn kwam met een verhoogde reputatie – dat was Jezus van Nazareth en zijn evangelie van het overwinnen van het kwaad met het goede. Het geheim van een betere beschaving is nauw verbonden met de leringen van de Meester over de broederschap en verbondenheid onder de mensen, de goede wil van liefde en wederzijds vertrouwen.

Tot aan Pinksteren was religie alleen een openbaring geweest van de mens die God zocht. Sinds Pinksteren is de mens nog steeds op zoek naar God, maar over de wereld straalt nu het schouwspel van God die ook de mens zoekt en Zijn Spirit van Waarheid zendt om in de mens te wonen wanneer Hij hem gevonden heeft.

Vóór de leringen van Jezus, die culmineerden in Pinksteren, hadden vrouwen weinig of geen spirituele status in de leerstellingen van de oudere religies. Na Pinksteren stond de vrouw in de verbondenheid en gemeenschap van het koninkrijk ten opzichte van God op gelijke voet met de man. Onder de honderdtwintig die deze speciale inwoning van de Spirit van Waarheid ontvingen, bevonden zich veel vrouwelijke discipelen, en zij deelden deze zegeningen gelijkelijk met de mannelijke gelovigen. De man kan zich niet langer het monopolie op de missie van de religieuze dienstverlening toe-eigenen. De Farizeeër mag God dan wel blijven danken dat hij “niet als vrouw, melaatse of heiden geboren is”, maar onder de volgelingen van Jezus is de vrouw voor altijd bevrijd van alle religieuze discriminatie op basis van geslacht. Pinksteren heeft alle religieuze discriminatie op basis van raciale onderscheiding, culturele verschillen, sociale kaste of seksuele vooroordelen uitgewist. Geen wonder dat deze gelovigen in de nieuwe religie zouden uitroepen: “Waar de Spirit van de Heer is, daar is vrijheid.”

Zowel de moeder als de broer van Jezus waren aanwezig onder de honderdtwintig gelovigen, en als leden van deze gemeenschappelijke groep discipelen ontvingen ook zij de uitgestorte Spirit van Waarheid. Zij ontvingen niet meer van de goede gave dan hun medemensen. Er werd geen speciale gave verleend aan de leden van de aardse familie van Jezus. Pinksteren markeerde het einde van speciale priesterschappen en elk geloof in heilige families.

Vóór Pinksteren hadden de apostelen veel opgegeven voor Jezus. Ze hadden hun huis, familie, vrienden, aardse goederen en posities opgeofferd. Met Pinksteren gaven ze zichzelf aan God, en de Vader en de Zoon reageerden door Zichzelf aan de mens te geven – door hun Spirit van Waarheid te sturen om in de mens te leven. Deze ervaring van het verliezen van zichzelf en het vinden van de Spirit was er niet een van emotie; het was een daad van intelligente zelfovergave en onvoorwaardelijke toewijding.

Pinksteren was de oproep tot spirituele eenheid onder gelovigen in het evangelie. Toen de Spirit van Waarheid neerdaalde op de discipelen in Jeruzalem, gebeurde hetzelfde in Philadelphia, Alexandrië en alle andere plaatsen waar ware gelovigen woonden. Het was letterlijk waar dat “er slechts één hart en één ziel was onder de menigte van de gelovigen.” De religie van Jezus is de krachtigste verenigende invloed die de wereld ooit heeft gekend.

Pinksteren was bedoeld om de zelfbevestiging van individuen, groepen, naties en rassen te verminderen. [ het je zelf, je groep, je natie, je ras met kracht bevestigen] Het is deze houding van zelfbevestiging die zo in spanning toeneemt dat hij periodiek losbarst in vernietigende oorlogen. De mensheid kan alleen verenigd worden door de spirituele benadering, en de Spirit van Waarheid is een wereldwijde invloed die universeel is.

De komst van de Spirit van Waarheid zuivert het menselijk hart en brengt de ontvanger ertoe een levensdoel te formuleren dat enkel gericht is op de wil van God en het welzijn van de mens. De materiële mind van zelfzucht wordt opgeslokt in deze nieuwe spirituele schenking van onbaatzuchtigheid. Pinksteren, toen en nu, betekent dat de Jezus uit de geschiedenis de goddelijke Zoon van de levende ervaring is geworden. De vreugde van deze uitgestorte Spirit van Waarheid, wanneer deze bewust in het menselijk leven wordt ervaren, is een stimulans voor de gezondheid, een aansporing voor de mind en een onuitputtelijke energie voor de ziel.

De Spirit van Waarheid kwam niet voort uit gebed op de dag van Pinksteren, maar het had wel veel te maken met het bepalen van het vermogen tot ontvankelijkheid dat de individuele gelovigen kenmerkte. Gebed beweegt het goddelijke hart niet tot vrijgevigheid van schenking [van bijvoorbeeld de Spirit van Waarheid], maar gebed graaft wel vaak grotere en diepere kanalen waardoor de goddelijke schenkingen kunnen stromen naar de harten en zielen van hen die er zo aan denken om ononderbroken verbondenheid met hun Schepper te onderhouden door oprecht gebed en ware aanbidding.

Begin van de christelijke Kerk

Toen Jezus zo plotseling door zijn vijanden werd gegrepen en zo snel tussen twee dieven werd gekruisigd, raakten zijn apostelen en discipelen volledig gedemoraliseerd. De gedachte aan de Meester, gearresteerd, gebonden, gegeseld en gekruisigd, was zelfs voor de apostelen te veel. Ze vergaten zijn leringen en waarschuwingen. Hij was weliswaar “een profeet, machtig in daad en woord voor God en heel het volk”, maar hij kon moeilijk de Messias zijn waarvan ze hadden gehoopt dat hij het koninkrijk Israël zou herstellen.

Dan komt de opstanding, met de bevrijding van wanhoop en de terugkeer van hun geloof in de goddelijkheid van de Meester. Keer op keer zien ze hem en praten met hem, en hij neemt hen mee naar de Olijfberg, waar hij afscheid van hen neemt en zegt dat hij teruggaat naar de Vader. Hij heeft hun gezegd in Jeruzalem te blijven totdat ze begiftigd zijn met kracht – totdat de Spirit van Waarheid zal komen. En op de dag van Pinksteren komt deze nieuwe leraar, en ze gaan er meteen op uit om hun evangelie met nieuwe kracht te prediken. Zij zijn de dappere en moedige volgelingen van een levende Heer, geen dode en verslagen leider. De Meester leeft in de harten van deze evangelisten; God is geen leer in hun denken; hij is een levende aanwezigheid in hun ziel geworden.

“Dag aan dag bleven zij standvastig en eensgezind in de tempel en braken het brood thuis. Zij gebruikten hun maaltijden met blijdschap en eenvoud des harten, loofden God en stonden in de gunst bij het hele volk. Zij werden allen vervuld met de Spirit en spraken het woord van God met vrijmoedigheid. En de menigte van hen die geloofden, was één van hart en ziel; en niemand van hen zei dat iets van wat hij bezat zijn eigendom was, en zij hadden alles gemeenschappelijk.” [ vergelijk ]

Wat is er gebeurd met deze mannen die Jezus had aangesteld om het evangelie van het koninkrijk, het vaderschap van God en de broederschap van de mensen te prediken? Ze hebben een nieuw evangelie; ze staan in vuur en vlam door een nieuwe ervaring; ze zijn vervuld van een nieuwe spirituele energie. Hun boodschap is plotseling verschoven naar de verkondiging van de verrezen Christus: “Jezus van Nazareth, een man die door God is goedgekeurd met machtige werken en wonderen; deze, overgeleverd door de bepaalde raad en voorkennis van God, hebt u gekruisigd en gedood. Wat God bij monde van alle profeten heeft voorspeld, heeft Hij aldus vervuld. Deze Jezus heeft God opgewekt. God heeft Hem zowel Heer als Christus gemaakt. Door de rechterhand van God verhoogd en de belofte van de Spirit van de Vader ontvangend, heeft Hij dit uitgestort wat u ziet en hoort. Bekeer u, opdat uw zonden worden uitgewist, opdat de Vader de Christus zende die voor u bestemd is, namelijk Jezus, die de hemel moet ontvangen tot de tijden van de wederoprichting van alle dingen.” [ Petrus spreekt tot de menigte, volgens deze bijbeltekst ]

Het evangelie van het koninkrijk, de boodschap van Jezus, was plotseling veranderd in het evangelie over de Heer Jezus Christus. Zij verkondigden nu de feiten van zijn leven, dood en opstanding en predikten de hoop op zijn spoedige terugkeer naar deze wereld om het werk dat hij begonnen was te voltooien. De boodschap van de eerste gelovigen had dus te maken met het prediken over de feiten van zijn eerste komst en met het onderwijzen van de hoop op zijn tweede komst, een gebeurtenis die zij zeer nabij achtten.

Christus stond op het punt de geloofsbelijdenis te worden van de zich snel vormende kerk. Jezus leeft; Hij stierf voor de mensen; Hij gaf de Spirit van Waarheid; Hij komt terug. Jezus vulde al hun gedachten en bepaalde al hun nieuwe concepten van God en al het andere. Ze waren te enthousiast over de nieuwe leer dat “God de Vader is van de Heer Jezus” om zich bezig te houden met de oude boodschap dat “God de liefhebbende Vader is van alle mensen”, zelfs van ieder individu. Het is waar dat er in deze vroege gemeenschappen van gelovigen een wonderbaarlijke manifestatie van broederliefde en ongeëvenaarde goede wil ontstond. Maar het was een gemeenschap van gelovigen in Jezus, geen gemeenschap van broeders in het familie-koninkrijk van de Vader in de hemel. Hun goede wil ontstond uit de liefde die voortkwam uit het concept van de missie van Jezus en niet uit de erkenning van de broederschap van de sterfelijke mens. Niettemin waren ze vervuld van vreugde en leefden ze zo’n nieuw en uniek leven dat alle mensen zich aangetrokken voelden tot hun leringen over Jezus. Ze maakten de grote fout om het levende en illustratieve commentaar op het evangelie van het koninkrijk [bedoeld wordt: Jezus] voor dat evangelie te gebruiken, maar zelfs dat vertegenwoordigde de grootste religie die de mensheid ooit had gekend.

Onmiskenbaar ontstond er een nieuwe gemeenschap in de wereld. “De menigte die geloofde, bleef standvastig bij de leer van de apostelen en de gemeenschap, bij het breken van het brood en bij de gebeden.” Ze noemden elkaar broeder en zuster; ze begroetten elkaar met een heilige kus; ze zorgden voor de armen. Het was een gemeenschap van leven én van aanbidding. Ze waren niet gemeenschappelijk door een decreet, maar door de wens hun goederen te delen met hun geloofsgenoten. Ze verwachtten vol vertrouwen dat Jezus zou terugkeren om de vestiging van het koninkrijk van de Vader tijdens hun generatie te voltooien. Dit spontane delen van aardse bezittingen was geen direct kenmerk van de leer van Jezus; het kwam tot stand doordat deze mannen en vrouwen zo oprecht en vol vertrouwen geloofden dat Hij elk moment zou kunnen terugkeren om Zijn werk te voltooien en het koninkrijk te voltooien. Maar de uiteindelijke resultaten van dit goedbedoelde experiment in ondoordachte broederliefde waren rampzalig en brachten verdriet teweeg. Duizenden oprechte gelovigen verkochten hun bezittingen en deden al hun kapitaalgoederen en andere productieve middelen van de hand. Na verloop van tijd kwamen de slinkende middelen van christelijk “gelijk en gezamenlijk delen” tot een einde, maar de wereld niet. Al snel hielden de gelovigen in Antiochië een collecte om hun geloofsgenoten in Jeruzalem voor de hongerdood te behoeden.

In die tijd vierden ze het Avondmaal zoals het was ingesteld; dat wil zeggen, ze kwamen bijeen voor een gezamenlijke maaltijd van goede kameraadschap en namen aan het einde van de maaltijd deel aan het sacrament.

Aanvankelijk doopten ze in de naam van Jezus; het duurde bijna twintig jaar voordat ze begonnen te dopen in “de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Spirit”. De doop was het enige dat vereist was om toegelaten te worden tot de geloofsgemeenschap. Ze hadden nog geen organisatie; het was eenvoudigweg de Jezus-broederschap.

Deze Jezus-sekte groeide snel, en opnieuw merkten de Sadduceeën hen op. De Farizeeën maakten zich weinig zorgen over de situatie, aangezien geen van de leringen op enigerlei wijze de naleving van de Joodse wetten belemmerde. Maar de Sadduceeën begonnen de leiders van de Jezus-sekte gevangen te zetten totdat ze overgehaald werden de raad van een van de leidende rabbijnen, Gamaliël, te aanvaarden. Deze adviseerde hen: “Houd u verre van deze mannen en laat hen met rust, want als dit advies of dit werk van mensen komt, zal het tenietgedaan worden; maar als het van God komt, zult u hen niet kunnen tenietdoen, anders zult u zelfs bevonden worden dat u tegen God strijdt.” Ze besloten Gamaliëls raad op te volgen, en er volgde een tijd van vrede en rust in Jeruzalem, waarin het nieuwe evangelie over Jezus zich snel verspreidde.

En zo ging alles goed in Jeruzalem tot de tijd dat de Grieken in groten getale uit Alexandrië kwamen. Twee leerlingen van Rodan arriveerden in Jeruzalem en maakten veel bekeerlingen onder de Hellenisten. Onder hun eerste bekeerlingen bevonden zich Stefanus en Barnabas. Deze bekwame Grieken hadden niet echt het Joodse standpunt ingenomen en hielden zich niet zo goed aan de Joodse eredienst en andere ceremoniële gebruiken. En het waren de daden van deze Griekse gelovigen die een einde maakten aan de vreedzame betrekkingen tussen de broederschap van Jezus en de Farizeeën en Sadduceeën. Stefanus en zijn Griekse metgezel begonnen meer te prediken zoals Jezus had geleerd, en dit bracht hen in direct conflict met de Joodse leiders. In een van de openbare preken van Stefanus, toen hij het aanstootgevende deel van zijn betoog bereikte, lieten ze alle formaliteiten van een proces achterwege en stenigden hem ter plekke.

Stefanus, de leider van de Griekse kolonie van de gelovigen van Jezus in Jeruzalem, werd zo de eerste martelaar van het nieuwe geloof en de specifieke oorzaak voor de formele organisatie van de vroeg-christelijke kerk. Deze nieuwe crisis werd opgelost door de erkenning dat gelovigen niet langer als sekte binnen het Joodse geloof konden voortbestaan. Ze waren het er allemaal over eens dat ze zich moesten afscheiden van ongelovigen; en binnen een maand na de dood van Stefanus was de kerk in Jeruzalem georganiseerd onder leiding van Petrus, en Jacobus -de broer van Jezus- was aangesteld met de titel van hoofd.

En toen braken de nieuwe en meedogenloze vervolgingen door de Joden uit, zodat de actieve leraren van de nieuwe religie over Jezus, die later in Antiochië het christendom werd genoemd, tot aan de uiteinden van het rijk uittrokken om Jezus te verkondigen. Bij het uitdragen van deze boodschap was vóór de tijd van Paulus de leiding in Griekse handen. En deze eerste zendelingen, evenals de latere, volgden de route van de tocht van Alexander in vroegere dagen, door via Gaza en Tyrus naar Antiochië te trekken, vervolgens door Klein-Azië naar Macedonië, en toen door naar Rome en naar de verste uithoeken van het rijk.

Dit hoofdstuk is een nieuwe Nederlandse vertaling gebaseerd op Paper 194 van het Urantia Boek: https://www.urantia.org