Uitleg:

Een Mentor-Spirit is als een stukje God dat in je mind leeft. Niet als een stem die je hoort of iets griezeligs – eerder als een supergeavanceerde innerlijke gids wiens enige taak het is je te helpen groeien tot de beste, meest waarheidsgetrouwe versie van jezelf. Of meer in detail:

1. De Mentor-Spirit is een fragment van God: God zendt “fragmenten” van Zichzelf uit. Een van die fragmenten hecht zich aan ieder mens zodra ze een leeftijd bereiken waarop ze echte morele keuzes kunnen maken. Probeer te beseffen dat een “fragment” van een oneindige en eeuwige God zelf nog steeds oneindig en eeuwig is!

2. De Mentor-Spirit werkt in stilte: beheerst je gedachten niet en dwingt je niet tot iets. De Mentor-Spirit geeft je een zetje, inspireert je en probeert je te sturen naar: betere keuzes, dieper begrip, onbaatzuchtigheid, langdurig geluk (in plaats van korte-termijn-impulsen). Je kunt het zien als het stille, wijze deel van jezelf dat altijd de hogere weg kent.

3. De Mentor-Spirit probeert je te “upgraden”: de missie van de Mentor-Spirit is om je ziel te helpen vormen – het deel van jou dat kan overleven na het fysieke leven. Het is alsof je een personal trainer voor je innerlijke zelf hebt. Of een soort co-piloot die je begeleidt naar hoger ziels-niveau en weg van dierlijk niveau.

4. De Mentor-Spirit respecteert je vrijheid: Je kunt negeren, volgen of ermee in discussie gaan – de Mentor-Spirit zal je vrije wil niet ondermijnen. Maar hoe meer je ermee samenwerkt (door eerlijk te denken, vriendelijk te zijn, te leren, te reflecteren), hoe sterker de verbinding wordt.

5. De Mentor-Spirit is altijd trouw aan je hoogste goed: Zelfs als je een fout maakt, oordeelt de Mentor-Spirit niet over je en geeft niet op. De Mentor-Spirit is extreem geduldig.

6. De Mentor-Spirit moet niet worden verward met wat soms in “New Age” termen een “gids” wordt genoemd. Het is geen stem van een persoon die al eens geleefd heeft, het is geen engel, het heeft geen naam. De Mentor-Spirit is zelf geen persoon, maar is voorbestemd om uiteindelijk zo “close” met jou te worden dat jullie samen “fuseren” tot een twee-eenheid van mens-en-God.

Superkorte versie: Een Mentor-Spirit is een stil innerlijk “stukje God” dat in je woont en samenwerkt met je vrije wil om je te helpen wijzer, vriendelijker en spiritueel volwassener te worden, als voorbereiding op je eeuwige carrière… Het is de spirit uit het bekende rijtje: body-mind-spirit!

Hoofdstuk 72 zegt:

De menselijke mind kan hoge niveaus van spiritueel inzicht en corresponderende sferen van goddelijke waarden bereiken omdat mind niet geheel materieel is. Er bevindt zich een spirituele kern in de menselijke mind – de Mentor-Spirit van de goddelijke aanwezigheid. Er zijn drie afzonderlijke bewijzen voor deze inwoning van de Mentor-Spirit in de menselijke mind:

  1. Humanitaire kameraadschap – liefde. De puur dierlijke mind kan sociaal zijn ter zelfbescherming, maar alleen het intellect waarin de Mentor-Spirit woont, is onzelfzuchtig altruïstisch en onvoorwaardelijk liefdevol.
  2. Interpretatie van de wijsheid van het universum. Alleen de door de Mentor-Spirit bewoonde mind kan begrijpen dat het universum vriendelijk is voor het individu.
  3. Spirituele evaluatie van levensaanbidding. Alleen de door de Mentor-Spirit bewoonde mens kan de goddelijke aanwezigheid beseffen en streven naar een vollediger ervaring in en met deze voorsmaak van goddelijkheid.

(…)

Alleen omdat er een goddelijke minnaar in de mens huist, kon hij onzelfzuchtig en spiritueel liefhebben. Alleen omdat er een interpretator in de mind huist, kan de mens de eenheid van het universum waarlijk realiseren. Alleen omdat er een evaluator in de mens woont, kan hij morele waarden beoordelen en spirituele betekenissen herkennen. En deze minnaar komt voort uit de bron van oneindige liefde; deze interpretator is een deel van Universele Eenheid; deze evaluator is het kind van het Centrum en de Bron van alle absolute waarden van de goddelijke en eeuwige werkelijkheid.

Morele evaluatie met een religieuze betekenis – spiritueel inzicht – impliceert de keuze van het individu tussen goed en kwaad, waarheid en dwaling, materieel en spiritueel, menselijk en goddelijk, tijd en eeuwigheid. Het menselijk voortbestaan is in grote mate afhankelijk van het wijden van de menselijke wil aan het kiezen van de waarden die geselecteerd zijn door deze ‘sorteerder van spirituele waarden’ – de inwonende ‘vertolker en vereniger’. Persoonlijke religieuze ervaring bestaat uit twee fasen: ontdekking in de menselijke mind en openbaring door de inwonende goddelijke Mentor-Spirit. Door te veel werelds denken of als gevolg van het ongodsdienstige gedrag van belijdende religieuze mensen kan iemand, of zelfs een hele generatie, ervoor kiezen hun pogingen op te schorten om de God die in hen woont te ontdekken; ze kunnen er niet in slagen vooruitgang te boeken en de goddelijke openbaring te bereiken. Maar zulke houdingen van spirituele non-progressie kunnen niet lang voortduren vanwege de aanwezigheid en invloed van de inwonende Mentor-Spirits.

Deze diepgaande ervaring van de realiteit van de goddelijke inwoning overstijgt voor altijd de grove materialistische techniek van de natuurwetenschappen. Je kunt spirituele vreugde niet onder een microscoop leggen; je kunt liefde niet wegen in een weegschaal; je kunt morele waarden niet meten; noch kun je de kwaliteit van spirituele aanbidding schatten.

(…)

De idealisering en poging tot dienstbaarheid van waarheid, schoonheid en goedheid is geen vervanging voor oprechte religieuze ervaring – spirituele realiteit. Psychologie en idealisme zijn niet het equivalent van religieuze realiteit. De projecties van het menselijk intellect kunnen inderdaad valse goden – goden naar het beeld van de mens – voortbrengen, maar het ware Godbewustzijn heeft zo’n oorsprong niet. Het Godbewustzijn resideert in de inwonende Mentor-Spirit. Veel religieuze systemen van de mens komen voort uit de formuleringen van het menselijk intellect, maar het Godbewustzijn maakt niet noodzakelijkerwijs deel uit van deze groteske systemen van religieuze slavernij.

God is niet slechts de uitvinding van het idealisme van de mens; Hij is de Bron van al dergelijke bovendierlijke inzichten en waarden. God is geen hypothese die geformuleerd is om de menselijke concepten van waarheid, schoonheid en goedheid te verenigen; Hij is de Persoonlijkheid van Liefde waaruit al deze manifestaties van het universum voortkomen. De waarheid, schoonheid en goedheid van de wereld van de mens worden verenigd door de toenemende spiritualiteit van de ervaring van stervelingen die opstijgen naar de realiteiten van het Paradijs. De eenheid van waarheid, schoonheid en goedheid kan alleen worden gerealiseerd in de spirituele ervaring van de Godkennende persoonlijkheid.

Moraliteit is de essentiële, pre-existente bodem van persoonlijk Godbewustzijn, de persoonlijke realisatie van de innerlijke aanwezigheid van de Mentor-Spirit, maar zulke moraliteit is niet de bron van religieuze ervaring en het daaruit voortvloeiende spirituele inzicht. De morele natuur is boven-animaal maar sub-spiritueel. Moraliteit staat gelijk aan de erkenning van plicht, de realisatie van het bestaan van goed en kwaad. De morele zone bemiddelt tussen het dierlijke en het menselijke type van mind, zoals morontia functioneert tussen de materiële en de spirituele sferen van persoonlijkheidsverwerving.

Het evolutionaire verstand is in staat wet, moraal en ethiek te ontdekken; maar de geschonken spirit, de inwonende Mentor-Spirit, openbaart aan het evoluerende menselijke verstand de Wetgever, de Vader-Bron van alles wat waar, schoon en goed is; en zo’n verlicht mens heeft een religie en is spiritueel toegerust om de lange en avontuurlijke zoektocht naar God te beginnen.

Moraliteit is niet noodzakelijkerwijs spiritueel; ze kan volledig en puur menselijk zijn, hoewel ware religie alle morele waarden versterkt en betekenisvoller maakt. Moraliteit zonder religie slaagt er niet in ultieme goedheid te openbaren, en ze faalt er ook in om zelfs haar eigen morele waarden te laten voortbestaan. Religie zorgt voor de versterking, verheerlijking en verzekerde overleving van alles wat de moraal erkent en goedkeurt.

Religie staat boven wetenschap, kunst, filosofie, ethiek en moraal, maar is er niet onafhankelijk van. Ze zijn allemaal onlosmakelijk met elkaar verbonden in de menselijke ervaring, zowel persoonlijk als sociaal. Religie is de hoogste ervaring van de mens in de sterfelijke natuur, maar een beperkte taal maakt het voor de theologie voor altijd onmogelijk om de ware religieuze ervaring ooit adequaat weer te geven.

Religieus inzicht bezit de kracht om nederlagen om te zetten in hogere verlangens en nieuwe vastberadenheden. Liefde is de hoogste motivatie die de mens kan gebruiken bij zijn opklimming in het universum. Maar liefde, ontdaan van waarheid, schoonheid en goedheid, is slechts een sentiment, een filosofische vervorming, een psychische illusie, een spirituele misleiding. Liefde moet steeds opnieuw gedefinieerd worden op opeenvolgende niveaus van morontia- en spirituele progressie.

Kunst is het resultaat van de poging van de mens om te ontsnappen aan het gebrek aan schoonheid in zijn materiële omgeving; het is een gebaar naar het morontia-niveau. Wetenschap is de poging van de mens om de schijnbare raadsels van het materiële universum op te lossen. Filosofie is de poging van de mens om de menselijke ervaring te verenigen. Religie is het hoogste gebaar van de mens, zijn magnifieke streven naar de uiteindelijke realiteit, zijn vastberadenheid om God te vinden en zoals Hem te zijn, – volmaakt.

Op het gebied van religieuze ervaring is spirituele mogelijkheid potentiële realiteit. De spirituele drang van de mens is geen psychische illusie. Alle romantiek in het universum van de mens is misschien niet feitelijk, maar veel, heel veel, is waarheid.

Sommige mensen hebben een te groots en nobel leven om af te dalen tot het lage niveau van louter succes. Het dier moet zich aanpassen aan de omgeving, maar de religieuze mens transcendeert -overstijgt- zijn omgeving en ontsnapt zo aan de beperkingen van de huidige materiële wereld door dit inzicht in goddelijke liefde. Dit concept van liefde wekt in de ziel van de mens die boven-dierlijke inspanning om waarheid, schoonheid en goedheid te vinden; en wanneer hij ze vindt, wordt hij verheerlijkt in hun omhelzing; hij wordt verteerd door het verlangen om ernaar te leven, om gerechtigheid te doen.

Wees niet ontmoedigd; de menselijke evolutie is nog steeds gaande, en de openbaring van God aan de wereld, in en door Jezus, zal niet falen.

De grote uitdaging voor de moderne mens is om een betere communicatie te bereiken met de goddelijke Mentor-Spirit die in de menselijke mind woont. Het grootste avontuur van de mens in het lichaam bestaat uit de evenwichtige en gezonde poging om de grenzen van het zelfbewustzijn te verleggen door de duistere gebieden van het embryonale ziel-bewustzijn heen, in een oprechte poging om het grensgebied van het spirit-bewustzijn –contact met de goddelijke aanwezigheid– te bereiken. Zo’n ervaring vormt het Godbewustzijn, een ervaring die de pre-existente waarheid van de religieuze ervaring van het kennen van God krachtig bevestigt. Zulk spirit-bewustzijn is het equivalent van de kennis van de actualiteit van kind-van-God-zijn. Of anders gezegd, de zekerheid van kind-van-God-zijn is de ervaring van geloof.

En Godbewustzijn is equivalent aan de integratie van het zelf met het universum, en wel op de hoogste niveaus van spirituele realiteit. Alleen de spirit-inhoud van enige waarde is onvergankelijk. Al dat wat waar, mooi en goed is, zal niet vergaan in de menselijke ervaring. Als de mens er niet voor kiest te overleven, dan bewaart de overlevende Mentor-Spirit alle realiteiten die geboren zijn uit liefde en gevoed worden in dienstbaarheid. En al deze dingen maken deel uit van de Universele Vader. De Vader is levende liefde, en dit leven van de Vader is in zijn Zonen.

En de spirit van de Vader is in de kinderen van zijn Zonen – de sterfelijke mensen. Als alles gezegd en gedaan is, is de Vader-idee nog steeds het hoogste menselijke concept van God.

Externe Bronnen: